Voor het eerst de lucht in
In november van het jaar 1989 zijn mijn zus en ik met een groep van zestig personen naar Rusland geweest.
Het ging om een culturele reis, georganiseerd door de school waar mijn zus Annie toen werkte.
Het zou onze luchtdoop worden, want we hadden allebei nog nooit gevlogen.
Ik was er vol van dat we naar Leningrad (nu St. Petersburg) en Moskou zouden gaan. Natuurlijk had ik het
ook enthousiast op mijn werk verteld, mijn collega's deden hier nogal lacherig over en geloofden me eerst niet.
Toen ik vertelde dat we met Aeroflot zouden vliegen (een Toepeljef toestel) zei een ingenieur van het bedrijf
waar ik werkte 'nou meestal doen die het wel'. Gelukkig wist ik toen nog niet dat die vliegtuigen niet zo'n goede
reputatie hadden en dat was maar goed ook.
Op de dag dat we zouden vertrekken moesten we al vroeg in Voorburg aanwezig zijn, waarna we met twee bussen
naar Brussels Airport (Zaventem) vertrokken. De trip met de bus naar Brussel ging voorspoedig en we waren
dan ook in een mum van tijd op het vliegveld. Ik had net zo'n zenuwachtig gevoel als een kind dat met een
schoolreisje was (in zekere zin was dat ook zo). Na de gebruikelijke pascontrole door de douane konden we
in het vliegtuig plaatsnemen. Het was een groot toestel met drie rijen stoelen.
Aan beide kanten bij de ramen twee stoelen en in het midden een grotere rij van, naar ik meen, vijf stoelen.
Annie en ik zochten een goede plaats uit achter in het toestel bij het raam om goed te kunnen genieten van onze reis.
De deuren werden gesloten, we moesten onze riemen vast maken, en toen ineens ... een lawaai ..., horen en zien verging ons, we schrokken ons rot ....
Het toestel maakte vaart en we gingen steil de lucht in en we werden achterover in onze stoelen gedrukt.
Ik kneep gespannen in de armleuningen van mijn stoel en keek naar mijn zus, die weer met een angstig gezicht
naar mij zat te kijken. Toen we van de ergste schrik bekomen waren zei mijn zus tegen mij 'Je ziet spierwit, ben je bang'.
'Nou' antwoordde ik 'jij ziet ook helemaal grauw'. Wat bleek nou, we zaten achterin het toestel vlak voor de motor,
dat hadden we ons niet gerealiseerd bij het instappen.
Verder verliep de vlucht goed en hebben we er echt van genoten. Het was alleen jammer dat er geen uitleg werd
gegeven over het gebied waar we over vlogen, dat moesten we zelf maar uitzoeken. Maar toen we na een paar dagen
een binnenlandse vlucht maakten van Leningrad naar Moskou zijn we in het midden gaan zitten, dus niet meer achterin.
De vlucht terug naar Brussel is me nog het meest bij gebleven. We vlogen eerst over de Scandinavische landen,
daarna zagen we beneden ons in de Oostzee piepkleine scheepjes op de kust van Noorwegen afstomen,
vervolgens vlogen we over Duitsland en hier volgden we als het ware de Rijn. Het was helder weer dus
we hadden een prachtig uitzicht op de rivier en het mooie landschap.
Tijdens de landing gebeurde er echter weer iets opmerkelijks. Het vliegtuig raakte de grond met vrij
hoge snelheid en moest nog een bocht nemen aan het eind van de landingsbaan, tijdens die manoeuvre hoorden
we luid glasgerinkel, dus dat was schrikken geblazen. Later bleek dat het glasgerinkel dat we hoorden van
omvallend serviesgoed en glazen was in de pantry.
Opgelucht dat we veilig geland waren, werd er luid geapplaudisseerd toen het toestel eenmaal stil stond.
Rina Hartman
mei 2005